(UNBESCHREIBLICH UNHEIMLICH)

augustus 20, 2016

FOERT3

Het overvalt hem altijd begin augustus: dat onbestemd gevoel dat de Grote Vakantie ten einde loopt en dat men straks weer alles uit de kast zal halen in een zoveelste poging hem in het gareel te doen lopen.

Hij herinnert het zich alsof het gisteren was. “Kennis is macht” prijkte in smeedijzeren letters boven de schoolpoort waar hij die schoolbordzwarte dag in september 1963 door stapte. Hij was benieuwd. Kon de school hem nog iets leren? Hij kwekte meteen mee als zijn collegae pummels hun kaken gingen breken op dadaïstische klankpoëzie zoals “Bim bam bom. Jan hoort het al, Fien hoort het niet.” Hij kende toen nog geen enkele Fien. Hij, die een kleine adept was van Marshall McLuhan, had zichzelf leren lezen in de cinema, en thuis met de televisie en de krant. Hij las in de lettertjessoep van zijn Oma. Er dreven vette ogen op. Schrijven zat er nog niet in.

De hele zwarte september ging de school gebukt onder schrijfkramp. De tijd was zwart, als antraciet, of als een schilderij van Mark Rothko, monochroom, met hier en daar zwart-witte beelden (schokkerig) en een sprankel kleur. Herfst werd winter en winter werd lente. Toen zongen wij uit volle borst: Het kan niet eeuwig winter zijn. Dan roepen en zingen we in alle tonen

Zijn eerste geschreven compositie, weliswaar minimalistisch, was meteen raak. Pats! Een oorvijg. Zijn eerste literaire prijs. ‘t Was toch mijn schuld niet? Meester had nog zo zijn best gedaan het hem te leren. Meester zag het voortaan als zijn plicht het hem allemaal weer af te leren.

Was nochtans mooi begonnen. D-Day! Het hing in de lucht. Hoogspanning! Om te snijden. Lente, maar de klas was koortsig heet, alsof Meester (zonder zottigheid) de stoof roodgloeiend gestookt had. Na maanden van intensieve training en dril. Kadaverdiscipline met griffel en lei – het woord is machtiger dan het zwaard. Met gekromde vingers, tipje van de tong tussen de lippen, voorovergebogen, zoals op de Olympische Spelen van Tokio, de zwemmers klaar stonden voor de duik in het ongewisse. Linkshandigheid werd eruit gemept (met de regel van drie). McCarthyisme in de schaduw van het kruisbeeld, zou Maurice De Wilde later zeggen.

De grootste flemer van de klas mocht de hagelnieuwe schriften uitdelen. Cahier de brouillon stond erop. In zwierige Coca-Cola-letters. Dichtertje zorgde meteen voor simultaanvertaling! En daar, netjes in het midden van de eerste bladzijde schreef hij, het voelde als stappen in verse sneeuw, elke stap een kleine stap voor hem, een grote sprong voor de mensheid… met vuile diepblauwe BIC zijn allereerste doorwrochte pennenvrucht. Een klein woord in grote letters, koeien van letters, zo groot als een huis… Zo verscheen daar, als teken aan de wand  een aankondiging van onheil, zijn allereerste boodschap: FOERT.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: