BERICHT AAN THE MYSTERY GUEST

november 20, 2013

Lees “LEUVENIS” in BOKS-

Het is een nauwelijks te achterhalen klankgedicht,

een verbosonische compositie.

(Weten we nu, 100 jaar later,

hoe we de gedichten van Van Ostaijen moeten lezen?)

“LEUVENIS “is pure rock’n’roll.

Het verdraagt geen papier.

Steekt onmiddellijk het papier in brand.

Mijn muzikanten kregen er eerst kop noch staart aan.

Ze begrepen niet hoe ik zo vaak van ritme

en toon verander. Vergelijk het met Satan is in my ass

van Evil Superstars. In de eerste 30 sec lopen tien stijlen door elkaar.

Zo wil ik het. De complexiteit van die compositie

daar houd ik van. De onnozelheid van rock’n’roll

die muteert tot barokke structuren.

En lees dan de onderstaand tekst,

die opgenomen werd in het programma dat we gemaakt hebben:

Ja, ik ben de auteur

van “LEUVENIS”,

het langste gedicht ooit

over Leuven.

Het speelt zich volledig af in de horeca

van Groot-Leuven, met pieken in Kessel-Lo,

en diepe dalen in Wijgmaal.

Aan het gedicht, een kathedraal gelijk,

is jaren gewerkt (dag en nacht).

Er kwam heel wat fieldwork bij kijken.

Nooit was een gedicht zo aangrijpend, en zo diepgaand,

zo accuraat geschreven, met zoveel schwung.

Het bruist, gedachten borrelen, de tekst vloeit, de woorden stromen, de zinnen schuimen.

Nooit eerder heeft een Vlaams auteur zich zo vastgebeten in zijn materie.

Het dichtwerk is enig in zijn soort,

een doorwrochte taalconstructie. Niet echt episch,

wel een lang gedicht, een heel lang gedicht

met duistere en troebele passages.

Lyrisch wordt men er van. Euforisch!

Men moet een ervaren lezer zijn

om niet duizelig te worden van de Homerische opsomming

van kroegen, herbergen, bars, balzalen, en feestzalen.

De kennis van de auteur is ronduit verbluffend

en encyclopedisch van aard.

De publicatie zorgde voor heel wat controverse, oproer, polemiek,

beroering, twist en ruzie, lokte vaak scherpe reacties uit,

van cafébazen wiens handelspand ik –in de loop der jaren –

schromelijk over het hoofd had gezien.

Het is het langste gedicht ooit.

Even wou men het laten optekenen in het

Guiness Book of Records,

maar ook hier kwam miserie van. Een storm van protest!

Een dozijn andere brouwerijen tekenden beroep aan.

Het is een heel lang gedicht. Het is een ongemeen lang gedicht

– zowat elk zinsdeel uit het gedicht inspireerde mij

tot het schrijven van een heuse column.

Het is een ellenlang gedicht. Het is kilometers lang.

Het is een vier-vak-rijbaan gedicht (het rijdt in alle mogelijke richtingen).

Het is een heel lang gedicht. Een ongemeen lang gedicht.

Het is een verschrikkelijk lang gedicht. Het is

een levenswerk.

Eén reactie to “BERICHT AAN THE MYSTERY GUEST”


  1. op de vraag “Weten we nu, 100 jaar later, hoe we de gedichten van Van Ostaijen moeten lezen?”, is het antwoord: luidop. Ik deed dat al in de jaren ’70 in Leuven. Deze week deed ook Matthijs de Ridder het, voor een klein kransje liefhebbers in de Zwarte Panter. Matthijs heeft een broodwinning aan Van Ostaijen en consoorten. Awel, na afloop moest hij toegeven ontdekt te hebben hoe je Van Ostaijen best leest. Hardop dus.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: