Archive for november, 2011

LIVE NATION

november 29, 2011

Natuurlijk ben ik een zeur. Natuurlijk ben ik een ouwe zeur. Natuurlijk zou ik liegen als ik zeg dat ik nooit plezier beleefd heb aan Rock Werchter. Natuurlijk heb ik genoten toen ik er kwam en het nog niet eens Rock Werchter heette. Natuurlijk was ik jaar na jaar er getuige van hoe dit uit de hand gelopen Chirofuifje, uitgroeide , als de jaarringen in een boom, tot een van de grootste festivals van Europa. Natuurlijk heb ik genoten toen daar op de tweede editie Talking Heads op een meter van mij stonden op een podium nauwelijks een halve meter hoog. Natuurlijk heb ik genoten toen ik in 2005 vlak na elkaar eerst de overheerlijke pokkeherrie The Kills leerde kennen, en vlak daarna de louche decadentie van The Dresden Dolls. Natuurlijk ben ik een groene jongen. Natuurlijk ben ik een watermeloen: groen van buiten, rood van binnen. Natuurlijk ken ik Herman Schueremans. Natuurlijk ken ik Clear Channel. Natuurlijk ken ik Live Nation. Natuurlijk is Rock Werchter voor mij geen onbekend terrein. Natuurlijk vind ik het niet nodig dat het festivalterrein zou uitgebreid worden.waarvoor er een stukje bos moet verdwijnen. Een stuk bos dat verdwijnt voor een popfestival, hallo? Waar is de rock? Waar is de roll? Waar de subversie? Natuurlijk ben ik zo’n typische groene zeikerd, met het eeuwig opgestoken vingertje: mijn middenvinger. Natuurlijk begrijp ik dat men het rock´n´rollcircus in Werchter wil houden. Natuurlijk weet ik dat niemand in Werchter een windje durft te laten uit schrik dat de hele santeboetiek definitief opkrast. Natuurlijk blijf ik mij verzetten tegen de uitbreiding van dat festivalterrein, of kampeerterrein, whatever. Ik ben een lastige klant, ik ben slechts tevreden als de rock weer rebels wordt en Werchter zijn landelijk karakter behouden blijft. Ik zal pas tgevreden zijn als er straks enkele jongens en meisjes gebruik maken van d egrote symboolwaarde die zo’n rockfestival heeft en in de bomen klimmen en er net zo lang in blijven zitten tot ze de garantie hebben dat er geen uitbreiding van wat dan ook komt. Laat Honderd Bloemen Bloeien!

Advertenties

CIRCUS GOOGLEÏANNI

november 25, 2011

Een hamster, dacht ik, toen pas zag ik dat het Gwendolyn Rutten was die aan mijn bed stond. It’s a dirty job, but someone has to do it, piepte ze (Shakespeare in overdrive). Van mij mag iederen alles zeggen, maar liberalen moeten hun smoel houden over dirty jobs. Anders trek ik de stekker uit. Ik vraag me af waarom politici zo’n slechte acteurs zijn. En ik vraag me af: Kijken hun ouders ook altijd als hun kind op TV komt. En zeggen ze dan: Kijk, onze Ludo is op den telvisie? Of: “Kijk daar, ons Gerda.” Ik vraag me af, of die gasten hun eigen TV-optredens opnemen en dan ’s avonds laat bekijken. Ik vraag me af: kijken die soms -zoals ik nu – ook in de spiegel. Wat zien zij dan? Politici? Wie zijn ze? Wat doen ze? Wat drijft hen? Zoals mijn vrienden de politici neem soms ook eens een loopje met de realiteit. Nu wee, sta ik koffie te drinken bij mijn televisie, en kijk naar het nieuws. Ik leer hoe ik mij moet uitschrijven uit Google Maps Street View. Zo gezegd, zo gedaan. Ik heb onmiddellijk een brief geschreven aan Meneer Google. Ik heb hem gevraagd mijn huis te verwijderen uit zijn videogame speciaal ontworpen voor boeven. Ook heb ik vriendelijk, maar met aandrang, gevraagd voortaan niet meer te verschijnen op mijn erf. En in het vervolg al helemaal niet meer mij, of al diegenen die ik lief heb, te komen filmen. Jullie zijn toch geen paparazzi, voegde ik eraan toe. Eens kijken hoe dat afloopt. It’s a dirty job, but somneone has to do it. Ik weet niet wat ik heb vandaag. Ligt het aan de koffie? Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, de onze daarentegen zijn perfect te achterhalen. Straks moet je voor elke rit per trein, bus of tram, een chip-kaart gebruiken. En ook al rijd ik als stadsdichter van Leuven sinds jaar en dag gratis, ik ga vanaf dan tevoet. Ik koester mij dan aan de wijze woorden die ik vanochtend hoorde: it’s a dirty job, but soneone has to do it, en baan mij verder een weg door

HERFSTIMPRESSIE

november 24, 2011

Op dit moment kan je op Google Street View zien hoe ik welgezind de compleet onnozele Google-ads van dit YouTube-filmpje weg-click zodat ik kan genieten van een heerlijk lied.

CCPK VIERT HONDERDSTE VERJAARDAG

november 17, 2011

COMMUNIQUÉ: Kameraden, ik ben hier niet. Ik ben een hologram. Ooit was ik hier op deze plaats. In Brussel. Jarenlang leidde ik de Vrijstaat Kessel-Lo. Er circuleerden alleen postzegels met mijn beeltenis op, en van ’s morgens tot ’s avonds gaf ik mijn eigen munten uit. Het parlement bevond zich in mijn woonkamer (achter de grote fauteuil). Separatisme is mooi, mooi, mooi! Maar men moet verder durven denken: gemeente per gemeente, huis-aan-huisfeodaliteit. In mijn partij, mijn privé-partij, zou er op den duur maar plaats zijn voor één lid. De verkaveling van het individu hoog in het vaandel dragen. Groot beginnen om klein te eindigen, dat was de nobele achterliggende gedachte, dat was mijn ideaal. Hoe anders heeft het lot over mij beslist! Thans ben ik voorzitter (voor het leven) van een massaorganisatie: de CCPK, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo. Ik beschikte over vier huizen in twee verschillende straten. Omdat ik de twee straten met elkaar wilde verbinden legde ik een corridor aan: recht door de Diestsesteenweg. Dit veroorzaakte enorme verkeersopstoppingen. De plaatselijke middenstand was woédend. Ik moest mijn land ontvluchten. Daarom richtte ik hier op deze plaats de ccpk op. De Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo (in ballingschap) (in Brussel). Het was de enige stad die ik kende. Ik was hier al eens geweest (tijdens de expositie) (van ’58). Mijn leven hier, als kosmopolitisch vluchteling, was niet te harden: ik woonde op het Klein Kasteeltje. Als politbureau van de ccpk, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, nam ik een stap in de goede richting: de ruimte in. In tegenstelling tot de foute berichten die in de kranten verschenen, is het communisme aan uitbreiding toe. De Muur ging neer omdat wij uit onze voegen barstten. Overal ter wereld is het communisme gevallen. Omhoog. De ruimte in. Het communisme is opgeblazen tot nooit eerder geziene proporties, en het hoogtepunt is nog lang niet in zicht; the sky is the limit. De CCPK, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, is een partij (die haar grenzen verlegt). Op een morgen heb ik eenzijdig besloten de verenigde staten van Vlaandrië: te verlaten. Ik nam the right stuff – as usual – en steeg ten hemel op, om heel hoog boven de stratosfeer mijn partij op te richten en een kosmische commune te stichten: Cape Carnaval (een ruimtekolonie). Vanhieruit dirigeer ik alles. Voorwaar, voorwaar, ik breng u: goed nieuws (uit de kosmos)! Al mijn teksten zijn herderlijke brieven die mij bereiken (in vloeibare vorm) vanuit het heelal. De CCPK, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, is een overkoepelend ruimtelijk orgaan met opzwepende functie. Voor de CCPK, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, is Brussel het centrum van Europa, Kessel-Lo het interplanetair hoofdkwartier. Voorwaar, voorwaar, een spook waart door de kosmos! Vanuit vliegende schotels overheersen wij de planeten. Aardbollen worden verkocht per twee, per drie, per vier, of per Amerikaans opbod. America, home of the brave, boevenkolonie bij uitstek, opeenstapeling van uitschot, godsdienstwaanzinnigen en serial killers. Elk land is een kolonie van Amerika. Als ze de ruimte intrekken om op zoek te gaan naar intelligent leven – in Amerika is dat niet te vinden – dan hoop ik dat zij op hun beurt gekoloniseerd en gemassacreerd worden door de Marsipulami’s. De CCPK, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, roept op tot landverraad, planeetverraad. Door propaganda, agitatie en irritatie wil de ccpk, de Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo, de bestaande structuren aantasten, de ruimtelijke ordening omvergooien. De CCPK, de interstellaire internationale, roept op tot collaboratie met de Marsipulami’s. Laat ons bidden opdat zij hun laserkanonnen richten op de aardse ruimteschilden.
KONJECK!

uw KAMERAAD
Didi de Paris
Voorzitter van de
Cosmische Communistische Partij van Kessel-Lo

LIVE AT THE BOTTOM LINE

november 15, 2011

Het lawaai was oorverdovend. De verwarring in Slagerij De Paris compleet. In het hart van de witlofstreek. De winkel grensde aan de salon. Daar stond de geluidsinstallatie. Een Lenco. Of een Dual? In elk geval met een stel joekels van boksen… Op de een of andere manier had de zoon van de CEO’s van Slagerij De Paris zich al weer een langspeelplaat aangeschaft: Live at The Bottom Line, Patti Smith, New York 27.12.75. Onduidelijk label, verder weinig informatie. Op de hoes een zilveren scheermesje. Ingezet werd met We’re gonna have a real good time together. We’re gonna laugh and dance and shout together. Nanana nananannan… Verder flitsten een trits Patti Smith-nummers voorbij & dan vloeide Pale Blue Eyes van The Velvet Underground naadloos over in Louie Louie van Richard Berry, uit 1957, bekend geworden in 1964 door The Kingsmen & hun venijnig orgeltje… Rock was weer gevaarlijk. Van jiven had hij echt geen kaas gegeten, toch frequenteerde Jongeheer De Paris alle evenementen van The Good Ol’Rock’n’RollClub. Hij hield van rockers & hun lak aan de wereld… Na nog wat Smit-nummers draaide de zwarte schijf zich rondtollend als een derwisj verder naar het hoogtepunt toe, met een cover van Time is on My Side van The Rolling Stones, om te eindigen, het ging crecendo, met een versie van My generation van The Who waarin Patti schreeuwde “John Cale, John Cale” gevolgde door een solo op de bas, en laat dat nu net het moment zijn waarop Jongeheer De Paris de volumeknop helemaal naar rechts draaide. In Slagerij De Paris was het lawaai oorverdovend, de verwarring compleet.

ADVENTURES CLOSE TO HOME

november 13, 2011

Onlangs verscheen BOKS, mijn eerste boek in 16 jaar. Een dichtbundel. Het boek heeft mij veel plezier en ook een zekere interne rust geschonken. In het besef dat de situatie van de poëzie vandaag op zijn zachtst gezegd vaak moeilijk is – velen hebben ronduit een hekel aan poëzie – heb ik hierover recentelijk een aantal teksten op mijn blog en facebook geplaatst. Nu woensdag, 16 november, lees ik om 21u, @ café Amedee, Muntstraat, Leuven, een selectie uit de bundel en uit mijn internetpublicaties. Btw, het is gratis. Poëzie: de markt voorbij?

KELEN & KWELEN!

november 12, 2011

En die meneer Cale zorgde ook geregeld voor vreselijke taferelen in de burelen van Slagerij De Paris (in het hart van de Witlofstreek). Tot overmaat van ramp bestormde Jonker De Paris op vele plaatsen al in het Vlaamse land, te weten in jeugdhuizen, parochiezalen en vele andere cultuurtempels, het podium om daar het volslagen onschuldige publiek te trakteren op zijn mooiste poëzijntjes, edoch zeer vaak in de stijl van die Meneer Cale. Zette dat kleine lefgozertje mij daar een keel op, zeg!

WEERBERICHT

november 10, 2011

Ze warmt op
of stelt koud
– afhankelijk
van haar luimen.

In het geval
van de zon
spreekt men
van seizoenen.

Het beleg van Antwerpen

november 4, 2011

Enkele van mijn vrienden op de Antwerpse boekenbeurs besloten mij te detacheren om enkele keren te gaan signeren teneinde de heren Piet Huysentruyt en Jeroen Meus te ontlasten. De laatste signeur heeft laten weten dat hij extra uren zal signeren – Stond gisteren op de voorpagina van Het Laatste Nieuws. Als het daar gestaan heeft dan geloof ik het. Blijkbaar was het een reactie op collegae scribenten voor wie het allemaal een beetje aanvoelde alsof zij erbij stonden voor spek en bonen. Ik neem het niemand kwalijk dat als mensen moeten kiezen tussen literatuur en eten, ze eieren kiezen voor hun geld. Ik hoef niemand de kaas van tussen zijn boterham te halen. Wij woonden in een dorp een voorschoot groot, in het lillend hart van de witlofstreek, tussen amper vierduizend inwoners, en werd toen heel wat minder vlees gegeten; wel dat Twin Peaks van de witlofstreek telde zeven beenhouwerijen, allemaal geconcentreerd rond Slagerij De Paris. Iedere dag ging in Slagerij De Paris het rolluik omhoog en de CEO’s wreven zich in de handen en zeiden: “De zon schijnt voor iedereen”. En voegden eraan toe: een mens moet altijd eten, niet waar. Zo zetel ik nu op de Antwerpse boekenbeurs tussen Jeroen Meus en Piet Huysentruys. Wij, het triumveraat van de boekenbeurs, zien daarin geen graten, wij zien dat er altijd een verband geweest is tussen eten en de schone letteren. Hugo Claus maakte reclame voor Belgische kazen, L.P. Boon verraste vriend en vijand met het boek “Koken op zijn Vlaams”. Vandaag is een carriére in de literatuur ondenkbaar zonder dat men banden heeft met de vleesverwerkende sector. Denk maar aan Tom Brusselmans en Herman Lanoye. Zelf ben ik de uitvinder van een nieuw letterkundig genre: de cullit, de ultieme kruisbestuiving tussen het literaire en het culinaire. Op de boekenbeurs zit ik echter als een buffer tussen Piet Huysentruyt en Jeroen Meus, die ook maar proberen hun boterham te verdien. Daartussen zit ik: geprakt, geprangd, gesandwichd. Ik ben het beleg.

Life van op de Boekenbeurs: een tussenstand

november 2, 2011

Als nietkookboekpublicerend auteur, en die maar moeizaam de weg naar de boekenbeurs vinden kan, is een mens op het eerste zicht eerder geneigd te zeggen dat er een zekere tristesse hangt over de Antwerpse boekenbeurs. In mijn geval ligt dat weer totaal anders. De organisatoren hebben mij, slagerszoontje uit de witlofstreek, en vleesgeworden uitzondering die de regel moet bevestigen, ingehuurd om op weloverwogen momenten topauteurs zoals Jeroen Meus en Piet Huysentruyt een welverdiend rustmoment te kunnen schenken.

WEDSTRIJD: Deze song dook al eens eerder op in het werk van Didi de Paris. Wie weet raad? Wie kan ons uitleg geven? Tip: hiervoor moeten we minstens 16 jaar terug gaan in de tijd. Inzendingen worden verwacht voor middernacht!