Archive for december, 2006

Goldenes Spielzeug, Deutsch Amerikanische Freundschaft

december 31, 2006

clouds_5.jpeg

(Beeld: Sea Clouds, olie op doek, 2001, Juan Maria Bollé)

Al diegenen die zich op dit moment hoog boven de grond bevinden zeg ik… Ik kijk achter mij. Het vliegtuig gevuld met mensen… Ze prevelen… Nu het jaar pijlsnel naar zijn einde loopt proberen ze het vooralsnog in vorm te brengen. Gelukkig heb ik niet alle films gemist. “Capote”zag ik, op aanraden van mijn zoon, die een even grote filmgek is als zijn vader. Onze gids en reisgezel, Paul van Ostaijen, zei het al in 1921: “U zal veel worden vergeven/ want/ gij hebt veel films gezien/(…)

Hoog in de wolken hoort men het duidelijk. Alle stemmen die ooit tot ons gesproken hebben… 

Kinderen kennen nooit de hele dierengaard. In het begin weten ze niet eens dat papa een nachtdier is. Kinderen duiken in de dag, zoals in een rimpeloos, voorlopig nog onbevolkt zwembad. Een tijd lang begon mijn jongste elke dag met een vrolijk kristalhelder zangerig stemmetje: Papàààààà! Ik heb goeie wakker. En de oudste die kwam trippeltrappel haar bedje uit om op mijn buik te komen springen. Bij voorkeur als ik een nachtje was gaan stappen. 

Mijn wolkjes van kindertjes… Tuxedomoon “zongen” het ook al: No tears for the creatures of the night.

Advertenties

À la Recherche du Temps Perdu

december 30, 2006

swans.jpg

Zijn het Foo Fighters? In de wolken passeren in allerijl topfilms van het voorbije jaar de revue: “V for Vendetta”, “Miami Vice”, “Syriana”… Werd er iets gemist? Het vliegtuig nadert de datumgrens.  De klok tikt het jaar weg (als een smeltende poolkap). De passagier kijkt op zijn boordinstrument de ene DVD na de andere. Opweg naar het eindejaarsfeest, vooralsnog proberen de schade in te halen, de opgelopen averij tot het minimum te beperken.

Onder schuift de landkaart voorbij, de wereld als miniatuur. Hoe ver kan men gaan met comprimeren? Is het verantwoord een film terug te verkleinen tot een televisiescherm. En mag men het dan nog verkleinen tot het speelgoed waarop ik nu deze DVD’s bekijk? Televisie is bonsai cinema. Wie weet hoe klein we de dingen straks bekijken?

The Box Tops

december 29, 2006

deliefdesbrief.jpg

Mojave. Sidderend tarmac. Woestijn vloeit over in luchthaven. Naadloos, zoals de panelen van het vliegtuig. De ontsnapping. Via Area 51. Gimme a ticket for an aeroplane Ain’t got time to take a fast train. Lonely days are gone, I’m a-goin’ home. My baby, just-a wrote me a letter. Jackie Brown. Je wil haar schrijven, maar je aarzelt. Zotte gedachten. Hitje dat maar niet uit mijn hoofd wil gaan: I don’t care how much money I gotta spend. Got to get back to baby again – The Letter, The Box Tops, 1967. In 1971 werd in Brussel De liefdesbrief, een schilderij van Vermeer gestolen. De dief noemde zich Tijl van Limburg. Hij eiste dat er op de rekening van Caritas Catolica 200 miljoen BEF werd gestort voor de vluchtelingen in Bangladesh. Dat was net afgescheiden van Pakistan. Een telefoontje met de radio werd hem fataal. Lonely days are gone, I’m a-goin’ home. My baby, just-a wrote me a letter. Well, she wrote me a letter. Said she couldn’t live without me no more.  Je aarzelt om te schrijven. Via Gmail wordt alle mail gecheckt. Op inhoud. Bij ontvangst krijg je er altijd reclame bij in de marge. Afhankelijk van wat je geschreven hebt.   Je weet nooit hoe je boodschap  uiteindelijk aankomt.

When I’m Drivin’ in My Car (And That Man Comes on the Radio)

december 28, 2006

robert-johnson-1-sized.jpg

In de gekerststalliniseerde dagen nemen de zaken soms een vreemde wending. Net toen de radio overschakelde op “Upside Down”, oorspronkelijk van de suprême Diana Ross, maar in de versie van Patrica Paaye –het poldermodel van Donna Summer – die op haar beurt vaak verward wordt met Condoleezza Rice – kantelde de auto.

De VW lag op zijn kop. Van de weg af, het zand in. Een insect. Pootjes in het luchtledige trappelend. De radio vervolgde zijn weg. I see the stars come out of the sky. Eén oog viel op de achterbank. “Orphans”, de nieuwe van Tom Waits, een CD-box. Alleen de geoefende blik kon hem herkennen. Neen, de hoes was niet slecht, niet slechter dan de whisky. Integendeel. Al moet een mens, eerst alle nostalgie van zijn lichaam schrapen, diep ademhalen en dan zeggen dat… Natuurlijk had een ouwe vinylhoes meer armslag, meer om het lijf dan een CD, om over iPod maar te zwijgen…

Nog even en de woestijn werd weer wakker. De zon, de cactussen, de gieren. I stay under glass. I look through my window so bright. Op het album zat een gigantische promosticker. Een kanjer. Je zag amper de CD eronder. De zanger zag je al helemaal niet. Het was een pleister, een schoonheidsvlek. Een omen. Hoe meer we hebben, hoe minder we in handen hebben, hoe minder het om het lijf heeft – Ons leven, jaja, vroeger was het beter. Nooit gedacht. Een mens schrikt van zichzelf als hij beseft dat hij dat zit te denken. Oorlogen en brandstapels. Vroeger was het beter! Singin’ la la la la la-la-la la. La la la la la-la-la la. La la la la la-la-la la la-la

Little Nemo in Slumberland

december 27, 2006

0c116db1_c632_4825_8001_8f1f2b6f39c2_2.jpg

De kerstboom is een magische boom. Elke ochtend liggen er pakjes onder. Waarom houdt men hem niet langer in de huiskamer? In ijltempo verliest hij zijn naalden. 

Handen omklemmen het stuur stevig, zweterig. ‘I don’t wanna go cold turkey’. Mark Lanegan raast door de wagen.  De wagen trilt.  Straks krijgt hij kippenvel. In vijfde versnelling. Langs de witte lijn.  Onder een staalblauwe hemel. Hier en daar een wolkje. Hagelwit. Engelenhaar in de staalblauwe hemel. ‘Driving Death Valley Blues’.

Hell no, dit is Kessel-Lo (waar ik ontwaak op de lederen bank)! Er draait al weer een ander nummer. Gelukkig maar.

ATOMA-MAN (The Original)

december 26, 2006

europa.jpg

Ik ben een AtomaÔ -manÒ. Schriften zijn gelijnd of geruit. Daarnaast bestaat er nog een klasse apart: economische ruit. Dat soort dingen leert een mens tot eigen scha en schande, merkte ik terwijl ik bladerde door mijn net aangekocht  AtomaÔ -schrift. In de loop van de donkere namiddag ben ik ook het achterlicht van mijn nieuwe fiets  kwijtgeraakt. Het zal mij niet tegenhouden nog even op de fiets te springen en om een nieuw Atoma Ô  te gaan. Tegenwoordig fietsen we op een mountain bike, een city bike of op een hybride model. In het Oude China mocht men een aantal keren in het leven van naam veranderen. Zelf stapte ik de eerste twintig jaar, zij het moeizaam, door het leven onder de naam “Dirk”.  Daarna fietste ik een kwarteeuw door het leven als “Didi”. Misschien doe ik er,  om alle spraakverwarring tussen mijn oudste kennissen en die van latere datum te vermijden, goed aan verder te doen als de mutatie Di/di/rk… Een formule i.p.v. een naam. Een pseudoniem kiezen blijft altijd een ijkel punt. Ik loop gebukt onder het gewicht van twee namen. Was ik maar nooit schrijvertje geworden!

More Little House on the Prairie – apotheose

december 24, 2006

butterflies.jpg

Eerst dacht men dat ze uit zijn mond kwamen. Of uit enig andere lichaamsopening.

Zoals de steen rimpels teweegbrengt in de kikkerpoel… Zoals het tijdsverloop, op cruciale momenten – zoals de Big Bang of de geboorte van Christus- voor en na het evenement een aan elkaar tegengesteld tijdsverloop krijgen- weg van het ijkpunt De termometer is gevallen. Het kwik verspreidt zich over de vloer. Meteoorinslagen op de tijdslijn. Zó plooien de energetische velden van tijd en ruimte –het geraamte van een computersimulatie –in een handomdraai tot één Groot Goor Stinkend Kosmisch Afvoerputje, om alles kronkelend kolkend weg te spoelen.

Die dag bereikten heden, toekomst en geschiedenis hun eindpunt in Het Grote Ultieme Televisiemoment. Het was een stilleven zoals zij daar allemaal lagen op de grond.

De man achter de spiegel met de eeuwig elektronisch vervormde stem die eerste die men teruggevonden. Zoals alle andere lijven, stond ook het zijne vol ontelbare rijen builtjes, primitief getatoeëerde meridianen van kop tot teen. Je hield ze makkelijk voor pareltjes. Ze barstten open. Er kwamen vlinders uit. Uit alle lijken fladderden vlinders, duizenden vlinders.

Little House on the Prairie

december 24, 2006

69.jpg

Het gebeurde in een stad in een koud en leeg land. Het miezerde en alles baadde in rampspoed. Spectaculaire beelden leverde het op. Duizelingwekkendhoge kijkcijfers ! De grenzen van het fatsoen waren dan ook – geregeld door reclame onderbroken – overschreden…Dag en nacht had het hele land met de groep mee geleefd. Geen mens die niet bereid was de eigen vrijheid op te offeren, zich naar de site te haasten en daar (in het belang van de natie) voor onbepaalde tijd door ontelbare camera’s het eigen paar- en schijtgedrag -geregeld door reclame onderbroken – te laten uitzenden.Van een bijbelse brilliante dimensie was het hoe er nooit een plot bedacht werd en het toch nog tot het bittere einde bloedstollende spannend bleef… Zoals alle voorgaande seizoenen was het ook nu begonnen als een spel… Men ontving bedreigingen, een toenemend aantal. Politie en bewakingsagenten kregen opdracht in geen geval tussen te komen. Niet langer patrouilleerden honden en bewakers langs de metershoge omheiningen. Men installeerde extra camera’s…Het werd een goedgecoördineerde actie in prime-time. Een nieuwsflash, een vuurpijl aan de hemel, een clip waarin de Reichstagbrand en Pearl Harbor gecomprimeerd werden tot een fractie van een nanoseconde: Titanic, Tower Inferno, Armageddon en nog meer viel out of the blue op ons… Simultaan suisden alle doemscenario’s over de schermen. Met de snelheid van het licht liet de realiteit de fictie ver achter zich. Het was een kleine stap van « Escape Velocity »  naar « Escape Reality ». Toen was er niets meer…

Music for Life 2

december 23, 2006

287.jpg

In Leuven schreef ooit iemand de roman “Het glazen huis geluk”. Sedert een paar dagen staat er een huis dat uit niet veel meer opgetrokken is dan uit glas. Een team van Studio Brussel heeft zich erin opgeloten voor het goede doel. De constructie houdt het midden tussen een Big Brother-huis, een internationaal ruimtestation en een kerststal.

Gelukkig is het allemaal minder extreem dan het project waarmee in januari 2000 de actrice Daniella Tobar de Chileense stad Santiago verontrustte. Ze leefde er in een huis dat geheel uit glas was opgetrokken. Iedereen kon zien hoe zij sliep, onder de douche ging, op het toilet zat en de liefde bedreef. Het was onmiddellijk een publiekstrekker. Ook vonden rond het huis steeds meer ongeregeldheden plaats. Op een nacht hield een  grote groep mannen, van wie vele dronken, de wacht bij het huis tot Tobar thuiskwam. De actrice rook onraad en ging niet naar “huis”. De gefrustreerde menigte bij het huis zag een andere vrouw, die toevallig voorbij liep in minirok, aan voor Tobar. De mannen stormden op haar af en dwongen haar zich uit te kleden. Uiteindelijk vond de vrouw toevlucht in een politieauto.

Zo een vaart loopt het in Leuven niet. Dag en nacht verzamelen groepjes jongeren zich vreedzaam rond de attractie. Mocht het toch nog de spuigaten uit lopen dan men de ruimte nog altijd bevolken met auteurs. Dan krijgt het meteen evenveel aandacht als een glazen viskom.

Music for Life

december 22, 2006

muerte2-2.jpg

(Dia de los Muertos, Annick Castro)

Dertien blijft een ongeluksgetal. Recentelijk voegde Brussels Airlines onder druk van hun internationaal klantenbestand een bolletje toe aan hun hagelnieuwe, poepdure logo. Oorspronkelijk waren het er dertien. Evenveel nummers bevat “Cake or Death”, het nieuwe, en laatste album van Lee Hazelwood.  Het komt nooit meer goed. De dokters voorzien op zeer korte termijn een snel intredende terminaliteit. Normaal is zoiets een goudmijn. Niet echt voor de betrokkene. Vandaag zocht ik in het holst van de kerstkoopjesperiode –het voorgeborgte van de hel – tevergeefs CD’s van de net overleden Robert Long. Ik twijfel er niet aan dat de amusementsindustrie een onderdeel is van de begrafenissector. Jimi Hendrickx, Janis Joplin, Jim Morrison… In sommige gevallen, zoals bij Sid Vicious bvb., is de betrokkenheid ronduit misdadig. Ik daarentegen heb een diep respect voor blijvers. Met duivels plezier kocht ik vorige week ‘Last Man Standing’ van Jerry Lee Lewis. 72 en nog rocken als de beesten ook. Stones, B.B. King, Ringo Starr, Little Richard., etc. werkten eraan mee, 50 jaar rockgeschiedenis. Het album houdt het midden tussen een rock’n’roll bejaardentehuis en een olifantenkerkhof voor multimiljonairs. Soit.  The Killer blijft een shooting star, nog meer sinds ik ‘Don’t Fuck With The Lewises’ zag, een soort Pfaffs, maar met ballen – Schurken zoals ze ze niet meer maken. Rock’n’roll is altijd een beetje sterven. Er zit altijd een geurtje aan. Herman Brood zaliger drukte de wens uit dat zijn lijk zou worden geflambeerd. En in de lente keek ik zelf niet echt fris meer uit mijn ogen toen ik poseerde bij het graf van Gainsbourg – Serge zou trots op me geweest zijn! Soms bezorgt muziek mij een stevige dosis angst. In 2006 was “The Drift“van Scott Walker mijn grote geliefde zwarte bui.  Geen nood. “Fear is A Man’s Best Friend“, blijft een van mijn lievelingen. Donker trekt me aan zoals nachtdieren afkomen op licht.  Ook betreur ik het heengaan, deze zomer, van de componist Gÿorgy Ligeti. Rock’n’roll is alle dagen feest, en 365 keer per jaar Allerheiligen. Dance macabre, happy funeral. Rock is een van de weinige dingen die een leven nog wat richting geven. Idolen zijn mensen waarmee men opgroeit en ouder wordt. In mijn geval is dat iemand als Nick Cave. De duivelse rocksterren levert vandaag de bewaarengelen af… Voorlopig blijft de ravage beperkt.  Met mij is het stukken minder erg gesteld dan met Lee Hazelwood.  Tot zijn laatste snik blijft de gast goed bij stem. De arrangementen zijn bedwelmend. Het is de perfecte muziek om bij in te slapen.