‘t Is jammer dat we zo weinig geslapen hebben en dat we geen tijd hebben, anders zou ik het hier allemaal eens op mijn blog uitleggen hoe het gegaan is, gisteravond. Dan zou je begrijpen dat we er tot 8 uur niet echt gerust in waren. Niet dat we schrik hadden, maar er werd gevreesd dat we al die drank en alle hapjes alleen moesten tot ons nemen – een Bruiloft van Canäa (in omgekeerde zin). Twee minuten later kwamen bij benadering twintig mensen opdagen. En toen alle hapjes en drankjes achter de kiezen verdwenen waren riep er eentje – de Clown van het gezelschap - ”Het is hier precies Pieter Daens van Louis Paul Boon, de dag voor de verkiezingen gaven de rijken den arbeider bier ende saussijzen.” Maar het gebeuren leek meer op een bladzijde uit L.P. Boon zijn “Kapellekensbaan, want de dag liep ten einde en ergens viel nog wat gouden zonlicht over de lenteavond en in een weide blaatte nog een verloren gelopen schaap, toen enkele goede zielen samen kwamen om eens met elkaar te klappen hoe zij die maatschappij nu eens eindelijk zouden veranderen. Nu wil het toeval dat ik daar iemand kende, goed ken, al heel lang ken, iemand die opkomt voor een partij waarvan de kandidaten allemaal de verkiezingen tegemoet trekken als Jeanne d’Arc, met een stralenkrans rond hun hoofd. Andere doet het dan weer denken aan de Japanse oorlogsvlaggen. Soit, men had opgeroepen om deel te nemen aan een politiek salon. Een dure term om te zeggen dat iedereen door elkaar praatte en dat niemand het met iemand eens was. Afijn, het verliep allemaal veel gedisciplineerder dan het hier vermeld staat. Het was een gigantisch succes. Men had in de buurt gemaild. Niet teveel, niet te weinig, net gepast. Geleidelijkaan kwam het volk binnen. Geen jongeren. Die hadden wel wat beters om naar uit te kijken: Temptation Island en M!LF bv. Wie kent deze programma’s nog binnen vijf jaar? Tele-archeologie dringt zich op. “Jamaar, er zaten daar toch wél jongeren!”"Jaja, maar ik schrijf geen verslag, wel een literaire tekst, een die de mensen misschien een geweten schopt, hen -wie weet- zal aanzetten om zelf na te denken en misschien – laat ons realistisch zijn en het onmogelijke vragen – ook zelf gaan reageren.”( Met Facebook zijt ge nu eens nooit gerust. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat vallen ze u lastig.) De apathie zit ons goed in de kleren. Slechts hier en daar nog een enkeling iemand die nog een beetje aan actie doet. Succes niet altijd gegarandeerd. Zeker niet bij bredere lagen van de bevolking. Men zal voor bepaalde lijsten stemmen omdat er bekende gezichten op staan uit het Grote Soapgebeuren. Eloi, een politieker, ene die dus niks beters te doen heeft dan de godganse dag – “op ons kosten!”- een beetje van zijn kloten gaan maken aan de poorten van een wapenbeurs in Brussel. Hij zit in de parlementaire controlecomissie maar mocht toch niet binnen een kijkje komen nemen van wat daar nu juist allemaal te zien is op die bloedbankwapenbeurs in Brussel. De politie is hen heel vriendelijk komen uitleggen hoe ze nu best van daaruit de kortste weg naar huis namen. En dan naast de stagiair van de politieker zat Guido, van de encyclieke vakbond. Die waren met enkele mensen een beetje gaan boel schoppen aan de poorten van de farizeeërs van Dexia - Uiteindelijk is er daar een van die grote mannen naar hun gekomen. Hij vroeg: ‘Tegen welk product van ons aanbod is het eigenlijk dat jullie hier staan te protesteren”. Guido heeft dan nog gezegd: “Het is niet tegen een bepaald product het gaat over een principe. Men investeert niet in Gaza of op de Westbank”. “De Westbank die ken kik niet”, zegt Jean-Luc den Dikke, “ik zetel hier voor Dexia, niet voor de Westbank.” Even later is het verdict gevallen. De encyclieken en die drie communisten die daar samen een beetje lawaai stonden te maken mochten niet binnen. Ze vlogen met hun kliekken en klakken buiten. De rode, de gele, de blauwe, the good, the bad, the ugly, allemaal kregen ze de deur tegen hun smoel. En er was geen plaats in de herberg. Ook bij onze vrienden van de Unizo, de grootste middenstandersorganisatie die dit land rijk is, constateert men apathie, verveling en inertie. Traditioneel sluit de organisatie verkiezingscampagnes af met vijf grandioze slotavonden -”Op ons kosten” – vijf keer een zaal van driehonderd mensen. Deze keer is dat – na bijeenharken van alle grote nationale kanonnen en boegbeelden één avond, en dan nog krijgt men de zaal maar voor de helft gevuld. Het lijkt erg veel op de wonderbaarlijke vermenigvuldiging op de Bruiloft van Canäa – maar dan in omgekeerde zin ( de Wonderlike Vermindering) Het ziet er naar uit dat op nauwelijks enkele weken van de verkiezingen, een neutronenbon gevallen is, een bom die niets vernietigt, alleen maar de mensne hun energie, en hun geloof wegvreet. Het ziet er naar uit, op nauwelijks enkele weken van de verkiezingen, dat heel het land geplaatst is op non-actief.