De stad hangt vol letters. Ik loop op het pui van het stadhuis. Ik weet niet hoe het komt… Waarschijnlijk omdat ik het ooit eens gelezen heb in “Wat zoudt ge zonder het werkvolk zijn?” van Jaak Brepoels, tegenwoordig schepen van o.a. wonen en vastgoed. Altijd moet ik eraan denken hoe in de dagen na de capitulatie, 11 november 1918, Duitse soldaten hier een sovjet opgericht hebben. De Leuvenaars voelden zich niet geroepen samen te werken. De wonden die de bezetter in uiterste wreedheid aangericht had, waren nog te vers.
Van die sovjet vindt men geen graffiti terug. Hoe komt dat? Poetswoede? Smetvrees? Toeristen zijn gek op het historische centrum. Het werd helemaal platgebombardeerd in W.O.I, daarna weer opgebouwd en het is dus een vervalsing. Fake zoals Mini-Europe in Brussel. De noordelijkste buitenpost van Disneyland Parijs dat is Leuven!
Plots voel ik de geesten van Brepoels, Tobback, Verhofstadt, Leterme – Bastaardneven van The Fab Four? Meer en meer lijken mijn teksten op een tableau van de Vlaamse Primitieven. Hun graffiti zijn me altijd bijgebleven. Want dat is het tenslotte wat ik ben in hart en nieren: een Vlaamse Primitief.